Objecten automatisch laten openen
Aanvullende informatie opvragen over objecten
Uw voorkeuren voor de weergave aanpassen
Uw geluidsvoorkeuren aanpassen
Alle FirstClass objecten waar u toegang tot hebt, zijn beschikbaar via uw FirstClass bureaublad. Het is het eerste wat u ziet als u verbinding maakt met uw server, tenzij u in uw voorkeuren hebt aangegeven dat u direct naar uw mailbox gaat. Boven in uw bureaublad ziet u de naam van uw server.
Uw bureaublad is verdeeld in deelvensters die verschillende typen informatie bevatten. De taakbalk bevat icoontjes die u toegang geven tot aanvullende informatie. Deze icoontjes staan van links tot rechts in de volgende volgorde: mailbox, agenda, werkruimte, updates, mensenmailbox, agenda, updates, mensenmailbox, agenda, werkruimte, updates, mensen. Als u gebruik maakt van een smal Android apparaat, kan het zijn dat u het werkruimte icoon niet ziet. U zult de werkruimte items dan terugvinden onder het applicatiemenu.
De taakbalk bevat ook aan de rechterzijde een applicatiemenu dat aanvullende functionaliteit biedt. Dit menu geeft u ook toegang tot het werkruimte menu.
Let op
Als de taakbalk rood kleurt, bent u niet langer verbonden met uw FirstClass server. U kunt alleen eerder bezochte pagina's doorzoeken, tot u weer on line bent.
Om het menu van een gesloten container te bekijken, blijf er dan op staan tot het menu opkomt.
In open containers, ziet u bovenin een knop New. Die maakt het mogelijk nieuwe objecten aan te maken.
Sommige containers hebben alleen maar de New knop. Door daarop te tikken opent zich een menu met keuzemogelijkheden wat te maken.
In andere containers, ziet u een gecombineerde knop Nieuw bovenin. Die stelt u in staat nieuwe objecten te maken. Het standaard object van de container (bij voorbeeld, een nieuw bericht in uw mailbox) staat links. Daarnaast staat een pijlknop. Die opent een menu met te maken objecten. Hier wordt naar verwezen met het dropdown menu van de Nieuw knop.
U ziet ook een menu bovenin de containers. Dit menu bevat de acties die op de container van toepassing zijn.
Gesloten objecten in lijsten hebben menu's, naast degene die u ziet als ze geopend zijn. In deze helpbestanden spreken we dan van het objectmenu (i.t.t. het open objectmenu).
Om toegang tot dit menu te verkrijgen houdt u het object vast. De lijst komt in de keuzemodus, met het object als gekozen. Om meerdere objecten te kiezen, tikt u erop. U kunt nu de weergegeven iconen/menu's gebruiken op de geselecteerde objecten. Door nogmaals een object aan te tikken wordt het gedeselecteerd. Om de keuzemodus te verlaten, tikt u op het icoon van de aangevinkte kolom.
Uitzondering
Op sommige plaatsen kan het zijn dat het tikken op een object het selecteert i.p.v. opent.
U kunt in de aanhef van een bericht ook op namen tikken waarop een menu wordt geopend.
Als niets is geopend, toont het centrale deelvenster conferences, community´s, en andere containers waar u toegang tot hebt. Het onderste deel van dit venster staat in alfabetische volgorde.
Het bovenste deel, Favoriete Plaatsen, voorziet in een ruimte waar u uw meestbezochte containers kunt neerzetten. Sleep de containers simpelweg van het onderste deel naar Favoriete Plaatsen. U kunt ze daar naar wens ordenen en ook weer terug slepen naar het onderste deel.
Uw homepagina kent een menu in de rechterbovenhoek waarmee u:
Let op
Als uw organisatie FirstClass niet gebruikt als mailsysteem, beschikt u niet over een FirstClass mailbox.
Uw mailbox bewaart persoonlijke items zoals uw privé e-mail. Om uw mailbox te openen zonder een al gekozen bericht, tikt u op het icoontje Mailbox in de taakbalk.
Let op
Als uw organisatie FirstClass niet als mail- en agendasysteem gebruikt, zult u alles anders ervaren dan hieronder beschreven staat. Voor verdere informatie verwijzen wij u naar het helponderdeel "Als u een ander mailsysteem gebruikt".
Uw persoonlijke agenda bevat gebeurtenissen en taken die u zelf hebt aangemaakt en die waarvoor u door anderen bent uitgenodigd. Tikken op het icoontje Agenda in de taakbalk opent uw persoonlijke agenda in maandweergave, gevolgd door een lijst met de gebeurtenissen en taken voor de dag. Een in schaduw weergegeven datum betekent dat er op die dag iets gepland staat.
Om de gebeurtenissen en taken voor een andere dag dan de huidige te zien, tikt u op de gewenste datum in de mini-agenda. Door op de terug- of vooruitpijltjes te klikken in de mini-agenda kunt u per klik van maand veranderen.
Het tikken op het icoontje Werkruimte in de taakbalk en daarna te kiezen voor Concepten. Het kiezen van Concepten vanuit het werkruimtemenuHet tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk en het daarna kiezen voor Concepten toont een lijst van alle items die u als concept hebt opgeslagen, omdat u deze nog niet wilde publiceren. U kunt deze items ook op andere plaatsen tegenkomen. Een niet verzonden bericht, staat ook nog in uw mailbox. Een document in een conference en opgeslagen als concept zal ook daar (alleen voor u) zichtbaar zijn.
Berichten worden automatisch als concept opgeslagen als u het bericht gemaakt hebt, maar niet verstuurd. Als u een niet verzonden bericht toch wil versturen, opent u het en klikt op de Verzend knop.
Let op
Als uw organisatie FirstClass niet als mailsysteem gebruikt, heef u geen FirstClass Contactenmap.
Hier slaat u de contactinformatie op van vrienden en zakelijke contacten.
Het tikken op het icoontje Werkruimte in de taakbalk en daarna te kiezen voor ContactenHet kiezen van Contacten vanuit het werkruimtemenuHet tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk en het daarna kiezen voor Contacten toont de lijst van de persoonlijke contactinformatie die u hebt vastgelegd van uw vrienden en zakelijke contacten.
Het tikken op het icoontje Werkruimte in de taakbalk en daarna te kiezen voor BestandsopslagHet kiezen van Bestandsopslag vanuit het werkruimtemenuHet tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk en het daarna kiezen voor Bestandsopslag toont een lijst van bestanden die u voor persoonlijk gebruik hebt opgeslagen.
Om een bestand te uploaden vanaf uw apparaat naar deze folder, opent u de folder, daarna gebruikt u de knop Upload Bestand om naar uw bestand te zoeken en het te selecteren, of u neemt een foto. In andere containers, kiest u Upload Bestand vanuit het menu bij de knop Nieuw.
Als u een bestand vanuit deze container (of eender welke andere container) wil downloaden naar uw apparaat, gebruikt u de wijze die in uw browser normaal is.
Let op
Voor bijlagen bij objecten, zoals berichten geldt dat het openen ervan met dezelfde wijze van downloaden kan gebeuren.
Om een bestand te openen, tikt u erop of u kiest Open vanuit het menu. Als het bestandsformaat wordt ondersteund, zal het worden geopend.
Om een bestand in een venster te openen dat u toestaat om ermee te werken, tikt u op het icoontje. Om met een bestand te werken kijk naar een open bestand en klik op de knop Zoom. U kunt de op en neer pijtjes gebruiken om achtereenvolgens bestanden uit bestandsopslag in dit venster te openen.
Als het getoonde object een afbeelding is, ziet u een "sleper" bovenin. Die kunt u heen en weer schuiven om de afbeelding te vergroten of te verkleinen. Om de afbeelding te draaien, gebruikt u de linksom of rechtsom draaiende icoontjes. De knop herstel Content naast de sleper herstelt de originele weergave. U kunt de afbeelding ook het venster inslepen.
Om een bestand aan te passen, downloadt u het en bewerkt u het in het aangewezen programma, waarna u het aangepaste bestand weer uploadt. U kunt het oude bestand verwijderen om vanuit het menu van het oude bestand te kiezen voor Wissen.
Het tikken op het icoontje Werkruimte in de taakbalk en daarna te kiezen voor DocumentenHet kiezen van Documenten vanuit het applicatiemenuHet tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk en het daarna kiezen voor Documenten toont een lijst van FirstClass documenten die u voor persoonlijk gebruik hebt opgeslagen.
Een open document toont de bewerkingsknoppen, gelezen status aan/uit (omschreven in "Over de gekleurde stippen" verder in dit document), verwijderen, en afdrukken.
Om hier een document aan te maken, tikt u op de knop Nieuw Document.
Let op
Om een document te maken in uw mailbox of in een conference, kiest u Nieuw Document vanuit vanuit het dropdown menu bij de knop Nieuw.
Om een bestaand document te bewerken, kiest u deze en tikt u de op knop Bewerken.
Waarschuwing
Als u een document bewerkt dat gemaakt werd in de klassieke FirstClass client, dan wordt het formaat gewijzigd van het FirstClass formaat naar HTML. Dat houdt in dat het daarna niet meer te bewerken is in de client.
Het documentformulier bestaat uit een bovendeel (de envelop), waarin u informatie omtrent het document kwijt kan , en een onderste deelvenster waar u de inhoud kan invoeren en vormgeven.
Let op
De spelling wordt gecheckt terwijl u typt. Om suggesties te zien voor rood onderlijnde woorden, of om woorden toe te voegen aan het woordenboek, gebruikt u de standaardmethode van uw apparaat.
| Veld | Omschrijving |
|---|---|
| Naam | De naam voor uw document. |
| Onderwerp | Het onderwerp van uw document. |
| Trefwoorden | Trefwoorden die betrekking hebben op uw document. Scheid elk trefwoord met een spatie. |
| Categorie | Elke categorie die u maar wil. |
| Gereed | Vraagt wat u wil doen met het document. De opties zijn afhankelijk van de status van het document. Publiceer bewaart het document en toont het aan iedereen die toegang heeft tot de container. Bewaar als Concept bewaart het bestand als concept, waardoor het alleen voor u zichtbaar is. Niet Opslaan zorgt ervoor dat alle bewerkingen teniet zijn gedaan nadat het document werd geopend en sluit het document. Als het een net gemaakt document betreft, wordt het gewist. Annuleer Keert terug naar het documentformulier. |
| menu | Bijlage koppelt een bestand dat zich op uw apparaat bevindt aan het document. Zoek en kies het bestand, of maak een foto. Afdrukken print het document met gebruikmaking van de stadaard afdrukmethode van uw apparaat. Verwijder verwijdert document. |
Let op
U heeft alleen toegang tot dit onderdeel als uw organisatie gebruik maakt van FirstClass Unified Communications.
Door te tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk, en daarna te kiezen voor Voice BegroetingenKies Voice Bebgroetingen vanuit het werkruimte menuDoor te tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk, en daarna te kiezen voor Voice Begroetingen worden de begroetingen die u gemaakt hebt getoond.
Aangezette begroetingen (enabled) worden rood en vet weergegeven.
Door te tikken op het icoon Werkruimte in de taakbalk en daarna te kiezen voor FavorietenKies favorieten vanuit het werkruimtemenuTik op het icoon Werkruimte in de taakbalk, kies daarna Favorieten toont de favorieten (links) naar andere FirstClass containers en websites die u gemaakt hebt in de FirstClassclient. Het tikken op een link opent deze.
Om een favoriete te bewerken, kiest u deze zonder de link te openen. tik daarom eerst op de knop Bewerken en kies daarna de favoriet. Kies Eigenschappen vanuit het menu van de favoriet.
Na het tikken op het icoontje Updates in de taakbalk, kiest u Uitnodigingen, waarna alle uitnodigingen aan u gericht om community's bij te wonen verschijnen. Om een community uit de lijst te bezoeken, kiest u Open uit het uitnodigingsmenu. Om u aan te melden bij de community, kiest u Accepteer. Om de uitnodiging af te wijzen kiest u Afwijzen.
Als u tikt op het icoontje Updates in de taakbalk, en daarna kiest voor gevolgde Items ziet u en lijst met items die u volgt op activiteiten. U wil bijvoorbeeld weten of er op een mail is gereageerd, of dat een bestand is bijgewerkt.
Om naar een gevolgd item te gaan, kiest u Open vanuit het menu. Om een item uit de lijst te verwijderen, kiest u Verwijder Volgen. Om een item aan de lijst toe te voegen kiest u Volgen vanuit het menu.
Als u tikt op het icoontje Updates in de taakbalk, en daarna kiest voor Inschrijvingen ziet u een lijst met community's die u op hun activiteit volgt als u niet verbonden bent met FirstClass.
Om een community uit de lijst te openen, kiest u Open.
Om de inschrijving voor de community te stoppen, kiest u Wissen vanuit het inschrijvingsmenu.
uw profiel geeft anderen persoonlijke informatie over u en hoe met u in contact te treden. Het is van belang dit in te vullen om de FirstClass samenwerkings experience zo rijk mogelijk te maken.
Om uw profiel te bewerken tikt u op het icoontje Mensen in de taakbalk, waarna u koest voor Mijn Profiel.
Om iemand anders profiel in te zien tikt u op hun foto, waar deze verschijnt als afzender(bijvoorbeeld, in een lijst met berichten).
Om iemands volledige profiel, inclusief blog en de lijst van wie volger is, in te zien, kiest u Open Profiel vanuit het menu in uw lijst met mensen, de Pulse, of een Directorylijst met overeenkomstige namen (zoals verderop in dit document staat te lezen). Om een blog door te fietsen, of de lijst van volgers en de profielsecties, tikt u op de Blog sectietitel, waarna u de titel kiest van datgene wat u wil inzien.
Als u tikt op het icoontje People in de taakbalk, en daarna kiest voor Mijn mensen ziet u de lijst met de namen van iedereen van wie u besloten hebt hem of haar te volgen, omdat u geïnteresseerd bent in hun activiteiten op FirstClass en het doet dienst als uw persoonlijke vriendenlijst. U ziet in een oogopslag of iemand on-line is, of dat er wijzigingen zijn aangebracht in hun blog.
Om iemands blog of profiel te openen, kiest u Open Profiel vanuit hun menu.
U kunt iemands menu gebruiken om hen een e-mail sturen, met hen te chatten, hen toe te voegen aan uw contacten of hun agenda te openen.
Om iemand aan uw vriendenlijst toe te voegen, opent u het profiel en gebruikt u de knop Volgen.
Om iemand uit de lijst te verwijderen kiest u Stop Volgen vanuit hun menu. U kunt ook het profiel van de betrokkene openen en de knop Stop Volgen gebruiken.
Het tikken op het icoon Mensen in de taakbalk, en het daarna kiezen voor Wie is Online toont ierdereen die op dat moment online is.
Om iemands blog en profiel te zien, kiest u Open Profiel vanuit hun menu.
U kunt vanuit dat menu hen een e-mail sturen, met hen chatten, hen volgen/ontvolgen, hen aan uw contacten toevoegen of hun agenda te openen.
Daarnaast geeft een groene stip naast iemand ook aan dat de persoon op dat moment online is.
Als u tikt op het icoontje People in de taakbalk, en daarna kiest voor Chat ziet u iedereen met wie u een on-line chat onderhield.
Om een chat te heropenen met iemand kiest u Chat vanuit het menu van de persoon. De eerder gemaakte opmerkingen tijdens het chatten met deze persoon worden getoond.
Om een chat te beginnen met iemand die on-line is maar met wie u nog geen chat hebt gehad en dus niet voorkomt in de lijst, kiest u Chat bij hun naam in uw vriendenlijst of vanuit een Directorylijst met overeenkomstige namen.
Om iets aan een geopende chat toe te voegen, tikt u uw commentaar in bij Voer hier tekst in, druk daarna op Enter(Return). De reactie hierop van de ander verschijnt onder uw commentaar.
Om een bestand vanaf uw apparaat te uploaden bij een open chat, gebruikt u de knop Upload in de chat werkbalk, waarna u het bestand op uw apparaat opzoekt en selecteert, of maak een foto. Uw bestand verschijnt als een knop bovenin de chat. Door die te kiezen wordt het bestand in een apart venster geopend, mits uw browser dit bestandstype ondersteunt. U kunt op de gebruikelijke wijze dit bestand downloaden. Als uw browser het bestand niet ondersteunt, wordt u gevraagd welke actie moet worden ondernomen.
Om een chat te beeindigen, sluit u simpelweg het chat venster.
U kunt de chatlijst gebruiken om mensen te e-mailen, of hen te volgen/stoppen met volgen, hen toe te voegen aan uw contacten of hun agenda te openen.
Om een chat uit de lijst te verwijderen, kiest u Wissen uit het menu.
Als uw device video ondersteunt, kunt u een video chat starten met een ander als zijn/haar device ook video ondersteunt.
Om een video chat te beginnen, opent u het chat venster van degene met wie u een chat wil beginnen op dezelfde wijze als u een tekstchat zou starten. Tik op de knop Initieer Video Chat boven in het chat venster om een video chat uitnodiging te sturen.
Als de ander dit accepteert, wordt u beiden gevraagd toestemming te geven om de microfoon en camera te gebruiken. nadat dit door beiden is toegestaan wordt het video chat venster geopend.
Afhankelijk van de grootte van het device, kunt u het videoformaat aanpassen met het icoon Zoom in de rechterbovenhoek. Door het venster te sluiten, wordt de chat beëindigd. Om het videoformaat terug te brengen naar de originele grootte tikt u nogmaals op het Zoom icoon.
Als u tikt op het icoontje People in de taakbalk, en daarna kiest voor Pulse ziet u de statusmeldingen van gebruikers en de reacties daarop.
Om de Pulse berichten van iedereen te zien, kiest u Alle Berichten. Om alleen de berichten te zien van degenen die u volgt, kiest u Berichten van Mijn Mensen. Om alleen uw eigen berichten te zien, kiest u Mijn Berichten.
Om iemands blog en profiel te openen, selecteert u Open Profiel vanuit het berichtenmenu.
Om te reageren op een bericht, kiest u uit het menu Commentaar, daarna tikt u uw reactie in.
Als u het duim omhoog icoon (like) ziet, kunt u een bericht "liken" door op dit icoontje te tikken of door te kiezen voor Like vanuit het menu bij het bericht. Afhankelijk van de instellingen van uw administrator bij de Pulse, kunt u uw mening wijzigen. Om dat te doen, kunt u de handeling herhalen.
Het deelvenster Apps onder uw homepage bevat de webapplicaties die door uw administrator zijn klaargezet. Om zo een applicatie te starten, tikt u erop.
Uw statusmelding is een korte reactie die u verstuurt naar anderen, zoals een tweet.
U ziet uw laatste statusmelding door het icoontje Mensen in de taakbalk te kiezen.
Om een nieuwe statusmelding te versturen, tikt u die in bij Deel iets.
Ieders status bericht wordt weergegeven in de Pulse.
Hoewel sommige containers kunnen openen in icoonweergave, waar alle inhoud als een icoontje wordt getoond, zullen de meeste containers de inhoud in lijstweergave tonen.
Sommige lijsten worden weergegeven in kolommen, met kolomtitels.
Om de sorteervolgorde van de lijst in een container te wijzigen, tikt u op de knop Sorteer op, waarna u het element waarop u wenst te sorteren selecteert. Naam bijvoorbeeld, sorteert de lijst alfabetisch op naam. Kiest u voor Laatst Gewijzigd dan wordt de lijst op datum gesorteerd.
Om de sorteervolgorde om te keren, klikt u er nogmaals op.
Om het makkelijk te maken iets te vinden binnen een lijst, kunt u alleen die objecten weergeven met bepaalde woorden. Dit moeten woorden zijn die in de lijst voorkomen (bijv. in het onderwerp of in de naam van de afzender), niet in de hoofdtekst.
Om de tekst op deze wijze te filteren, typt u de woorden in bij Filter bovenin de lijst. Objecten die alle ingevoerde woorden bevatten worden weergegeven.
Om opnieuw alle objecten weer te geven in de lijst, maakt u het veld bij Filter leeg.
Let op
In een communitybestand en wikilijsten, zijn alle veranderingen in de kolommen die u maakt alleen van toepassing voor de huidige sessie. In andere containers hangt het van uw machtigingen af of de wijzigingen zichtbaar blijven.
Om de breedte van een kolom te wijzigen versleept u de rechterkant van de kolomtitel.
Om de volgorde waarin de kolommen verschijnen te wijzigen, sleept u de kolomtitel naar links of naar rechts in de weergave zoals u die wenst.
Om een kolom te sorteren klikt u op de kolomtitel. Om de sorteervolgorde om te draaien klikt u er nogmaals op.
Om een kolom te groeperen, houdt u de kolomtitel vast. Links van de kolomtitel verschijnt een groeperingsoptie, en elk item uit de kolom met dezelfde waarde in de kolom wordt gegroepeerd. In het geval van berichten, als u groepeert op onderwerp, bevat een groep alle berichten met hun antwoord(en) erop.
Om een groep in zijn geheel weer te geven, kiest u de onderste stip in de groepscontrole links naast de groep.
Om een groep te laten inklappen, zodat alleen het bovenste bericht zichtbaar blijft, kiest u een willekeurige vaste stip in de groepscontrole. Om de groep te herstellen naar de oorspronkelijke weergave kiest u de onderste stip.
Om alle groepen in- of uit te klappen, kiest u de groepscontrole naast de kolomtitel.
Let op
Als u zowel sorteren als groeperen gebruikt, wordt de groepering bepaald door het bovenste object in de groep.
Om de groepering op te heffen, drukt u op Control(Command) en kiest u wederom de kolomtitelhoudt u de kolomtitel weer vast. Deze kolom zal automatisch de groepering opheffen als u een op andere kolom groepeert.
Als een object meerdere versies heeft, zal het kiezen van het aantal versies in de kolom Ver alle versies tonen.
Het weer kiezen van dat getal zal de oudere versies verbergen.
Als er op een object is gereageerd, zal het kiezen van het aantal reacties in de kolom (ballon) alle reacties weergeven.
Door weer daarop te klikken worden de reacties weer verborgen.
Om een en ander beter te organiseren, kunt u bestanden opslaan in subcontainers binnen hoofdcontainers. U heeft bijvoorbeeld een conference Personeel, en daarbinnen een subconference Festiviteiten.
Als u een knop Folders ziet in de linker bovenhoek van een open container, kunt u daarop klikken waardoor een extra deelvenster wordt geopend. U kunt dat deelvenster sluiten door weer op Folders te klikken.
Bij containers die in de FirstClassclient geen gescheiden balk tonen, ziet u deze knoop niet. Alle subcontainers zullen verschijnen met de inhoud van de andere containers.
Tips
Om naar een container terug te keren dat zich in een pad bevond dat u nam naar de huidige container, houdt u de Terug knop vast, en kiest u daarna uit het menu de container.
Om een link toe te voegen naar een subcontainer (zoals een community, een conference of een openbare agenda) op uw homepagina, opent u de subcontainer en kiest u Toevoegen aan Home bij het menu.
Om een subcontainer aan te maken binnen een container, opent u de container, daarna kiest u Nieuwe Container vanuit het dropdown menu bij de knop Nieuw, en daarna kiest u het soort container dat u wenst. Volg de aanwijzingen om uw folder een naam en andere informatie te geven, klik daarna op Maken. U hebt toegang tot de nieuwe folder door middel van de knop Folders in de container.
Om uw subcontainer te beschermen tegen abusievelijk verwijderen, opent u deze, waarna u kiest voor Eigenschappen vanuit het menu. Vink daarna Beveiligd aan. Als u in de toekomst de subcontainer daadwerkelijk wil verwijderen, wordt u eerst gevraagd de beveiliging af te vinken.
Een folder is een van de soorten containers die u kunt maken. U kunt geen berichten sturen naar folders, maar zij hebben standaard geen verloopdatum, zodat dit een prima manier is om zaken te archiveren.
naast het maken van folders in containers, kunt u ook op uw homepagina folders maken voor persoonlijke doeleinden door vanuit het menu op uw homepagina te kiezen voor Nieuwe Container.
Om binnen FirstClass te zoeken naar alle items met een bepaald woord of zinnetje, tikt u dat woord of zinnetje in bij Zoeken in de navigatiebalk, waarna u drukt op Enter(Return). Als u de zoekactie begint op uw homepagina, zal FirstClass alle voor u beschikbare inhoud doorzoeken. Als u zoekt vanuit een geopende container, dan doorzoekt FirstClass die container.
Zoekresultaten worden verdeeld in inhoud (objecten zoals berichten en documenten die uw zoekterm bevatten), mensen (mensen die iets verstuurd hebben wat uw zoekterm behelst), en folders (containers met de zoekterm in hun omschrijving of met documenten die uw zoekterm bevatten).
U kunt met de gevonden items in het resultatenscherm op dezelfde wijze omgaan als in een andere container.
Om de FirstClass Directory te doorzoeken naar iemand, tikt u de hele naam, of een gedeelte daarvan, in bij Tik een deel van een naam boven in uw lijst met mensen. Iedereen in de Directory waarvan de naam overeenkomt met de zoekterm wordt getoond in een lijst.
U kunt het menu van iemand gebruiken om:
U kunt ook het profiel van de betrokkene openen door hem in de lijst aan te tikken.
Om tekst op te maken, gebruikt u de standaardopties van uw apparaat. Waar nodig ziet u knoppen om tekst vet, schuin of onderlijnd weer te geven.
Om een afbeelding die zich op uw apparaat bevindt in te voegen, tikt u op de knop Afbeelding invoegen waarna u he bestand zoekt of een foto maakt.
Om een object naar een andere container te verplaatsen (de doelcontainer), selecteert u het object, waarna u tikt op de knop Verplaats in de keuze modus. Elke subcontainer in de huidige container wordt weergegeven.
Als de doelcontainer wordt getoond, tikt u erop, daarna tikt u op de knop Verplaats.
Als u het object niet wil verplaatsen naar een subcontainer, tikt u op de knop Omhoog om naar de doelcontainer te navigeren.
Om een container te verwijderen, kiest u Wissen vanuit het menu. Als dit een gedeelde container is die u niet zelf hebt gemaakt dan heeft de verwijdering alleen effect op uw eigen homepagina. Anderen kunnen er nog altijd in, en, mocht het nodig zijn, dan kunt u hem in de toekomst nog terugzien op uw homepagina.
Om een weergegeven object uit lijsten te verwijderen, selecteert u dat object, en kiest u Verwijderen vanuit het menu of u veegt over het scherm om de knop Delete te voorschijn te laten komen. In de keuzemodus tikt u op de knop Delete.
Om een geopend object te verwijderen, tikt u op de knop Wissen.
Om items te verwijderen waarnaast een x staat, zoals geadresseerden of bijlagen, tikt u op het x.
Na het wissen van een FirstClass object, is het voor een korte periode nog beschikbaar. De server wist het permanent als deel van een onderhoudsroutine. Voordat het permanent verwijderd is, kunt u de verwijderde objecten weergeven en, zo u wenst, weer terughalen.
Om de containers weer te geven die u onlangs van uw homepage hebt gewist, kiest u Toon verwijderde Items vanuit het menu van de homepage. Om verwijderde objecten in een container te zien, opent u deze en daarna kiest u Toon verwijderde Items vanuit het menu.
Om een object te herstellen, selecteert u Herstellen in de lijst van gewiste objecten. Het object wordt teruggeplaatst op de originele locatie.
Om alle objecten weer te geven die u onlangs hebt verwijderd, tikt u op het icoon Werkruimte in de taakbalk en daarna kiest u, Verwijderde Itemskiest u Verwijderde Items vanuit het werkruimtemenutikt u op het icoon Werkruimte in de taakbalk en daarna kiest u Verwijderde Items.
Om een object af te drukken, opent u het, waarna u de knop Afdrukken gebruikt.
Als u een object aanmaakt in een container, zakt het in de lijst als er nieuwere objecten bijkomen. Dat kan het lastig maken om het te vinden.
Als u een object makkelijk toegangbaar wil maken in een container, kunt u het vastzetten. Daardoor verschijnt het in de Vastgezet flyout rechts van de lijst met objecten. Deze flyout werkt net als die van de Folders flyout.
Om een object vast te zetten, kiest u Vastzetten vanuit het menu. Als er al een Vastgezet flyout in de container staat, kunt het object daar ook naartoe slepen.
Let op
Als u ook de FirstClassclient gebruikt, met boven en onder deelvensters, ziet u de objecten uit het bovenste deelvenster in de Vastgezet flyout.
Om met een vastgezet object te werken, houdt u het vast totdat het menu tevoorschijn komt.
Om een object te ontkoppelen, sleept u het weer naar de lijst met objecten in de container.
Om een object te verbergen, kiest u Eigenschappen vanuit het menu, daarna kiest u Verborgen bij Weergave in de sectie Weergave, Icoon ID, Icoon positie.
U kunt een object automatisch laten openen als het nog ongelezen is (of ongelezen objecten bevat).
Als u een container automatisch laat openen, zal deze direct na het inloggen van een gebruiker openen, zolang deze persoon nog ongelezen items in de container heeft staan.
Als u een object zoals een document automatisch laat openen, wordt het geopend op het moment dat een gebruiker de container waar het object in staat, wordt geopend, totdat het document door de persoon is gelezen.
Om iets automatisch te laten openen, kiest u Eigenschappen vanuit het menu, vink dan aan Auto open.
Om een verborgen object in een container weer te geven, kiest u Toon Verborgen vanuit het menu. Om deze objecten opnieuw te verbergen, kiest u Verberg Verborgen.
Om een verborgen object permanent weer te geven, kiest u Eigenschappen, daarna kiest u een andere optie dan Verborgen bij Weergave.
Als u een object maakt, zoals een bericht of een wikipagina, dan verstrekt u informatie over dat object in het bovenste deelvenster, ofwel de envelop.
Om ruimte te besparen, zal FirstClass soms deze envelop inklappen. Als u een object opent en u ziet een tabblad Details, dan kunt u dat tabblad selecteren om de envelop te openen.
In uw mailbox, kan in de enveloppes een ontsluitingsknop worden weergegeven naast Aan. Door deze knop te selecteren wordt de Cc of Bcc informatie zichtbaar.
FirstClass houdt de geschiedenis aan het object gerelateerde acties bij, zoals wie een bericht heeft gemaakt of gelezen en op welk tijdstip dat gebeurde, of de datum waarop een document werd bewerkt en door wie dat werd gedaan.
Om de geschiedenis van object in te zien, kiest u uit het menu voor Geschiedenis.
Om informatie in te zien zoals de verloopdatum, kiest u Eigenschappen vanuit het menu.
De makers van conferences en community's kunnen deze voorzien hebben van een omschrijving, te uwer informatie.
Om de beschrijving te zien van een gesloten container, kiest u Over vanuit het menu.
Om de omschrijving van een open conference in te zien, kiest u Machtigingen vanuit het menu, daarna tikt u op de knop Over.
Om de omschrijving van een open community in te zien, kiest u Over vanuit het menu.
De machtigingen van de container controleren de gedragingen ervan. Daar wordt bijvoorbeeld vastgelegd hoelang een item in de container bewaard blijft. Machtigingen bepalen ook wat u binnen de container mag (bijvoorbeeld, alleen berichten lezen of ze ook plaatsen).
Om de machtigingen van een container in te zien, kiest u Machtigngen vanuit het menu.
Als u vindt dat anderen objecten, zoals een document of een bestand moeten kunnen zien, unt u het "delen".
Om een object te delen, kiest u Delen vanuit het menu. Een nieuw berichtenformulier wordt geopend, met een link naar het object erin.
u kunt nog extra tekst toevoegen en het bericht adresseren zoals u in een mail gewend bent. Voor verdere details hoe een bericht te adresseren, verwijzen we u naar de "Email" help.
Een rode stip naast een container geeft aan dat er in de container ongelezen items staan. Het nummer in de stip geeft het aantal ongelezen items in die container aan. Elke ongelezen item binnen de container is ook gemarkeerd door een rode stip. De stip verdwijnt zodra het item wordt geopend.
Opmerking
Daarenboven worden ongelezen items (net als niet verzonden berichten in uw mailbox) in blauw weergegeven.
U ziet ook rode stippen naast:
U kunt de rode stippen verwijderen zonder de items te openen. Om de stip weg te halen bij een niet geopende container, houdt u de stip enige ogenblikken ingedrukt. Als u de stip bij een container weghaalt, verdwijnen ook de stippen bij alle items in die container.
U kunt een rode stip bij een ongeopend bericht in een lijst weghalen, zoals een bericht, door Toggle ongelezen vanuit het menu te selecteren. Zoals de naam al inhoudt, kunt u met de Toggle de mail op gelezen of ongelezen zetten. Dit kan nuttig zijn om bepaalde berichten onder uw attentie te houden. U kunt de rode stip weer aanzetten, zodat het bericht ongelezen lijkt. U kunt de rode stip ook bij een geopend bericht terug zetten door te tikken op de knop Ongelezen inschakelen.
Als u een rode stip weghaalt bij een ongeopend bericht blijft het bericht in de geschiedenis als ongelezen vermeld staan.
Een groene stip naast een persoon geeft aan dat deze online is.
Uit veiligheidsoverwegingen raden wij u aan het wachtwoord dat door uw administrator werd verstrekt direct te wijzigen.
Om uw wachtwoord aan te passen, kiest u Wachtwoord wijzigen vanuit het applicatiemenu.
Om de weergave van FirstClass aan te passen (bijvoorbeeld, de sorteervolgorde van lijsten), kiest u Voorkeuren vanuit het applicatiemenu, daarna kiest u de sectie Weergave.
| Om | Doe dit |
|---|---|
| items in een lijst te zien van nieuw naar oud als standaard | Vink aan Toon nieuwste items eerst. |
| gelezen objecten te verbergen in de lijst | Vink aan Toon alleen ongelezen items. Tip Als u denkt dat er mail is verdwenen, check dan of u dit hebt aangevinkt, omdat het lijkt of alle gelezen mail verdwenen is. |
| de tijdzone te wijzigen waarin u wilt dat FirstClass de datum en tijd weergeeft | Kies de juiste tijdzone bij Tijdzone. De waarde Standaard is de tijdzone waarin uw server staat. Let op Kies uw tijdzone zorgvuldig. Er zijn tijdzones die hetzelfde lijken qua getallen bij Greenwich Mean Time, maar zaken als daglichtbesparing kunnen per zone verschillen. |
Kies Bewaar onderaan dit formulier als u klaar bent.
De andere opties in het Voorkeurenformulier worden elders in dit helpbestand beschreven.
Om de manier waarop FirstClass met uw geluid omgaat (bijvoorbeeld het volume), kiest u Voorkeuren vanuit het applicatiemenu, waarna u de Audio sectie bewerkt:
| Om | Doe dit |
|---|---|
| een ongelezen geluidsbericht af te spelen bij het openen ervan | Vink aan Automatisch audiobestanden afspelen bij ongelezen berichten. |
| volume aan te passen | Kies het gewenste niveau bij Volume voor ingebouwde geluiden. Als u geen enkel geluid wenst, kiest u Uit. |
Als u gebruik maakt van een gedeelde apparaat, raden wij u uit veiligheidsredenen aan om u bij uw FirstClass server af te melden als u klaar bent.
Om u af te melden bij de FirstClass server, kiest u Logout vanuit het applicatiemenu.